Zomerse Perikelen

Wie geniet er niet met volle teugen van de zomer? Vaak hebben we er lang op moeten wachten en eindelijk is de temperatuur dan gestegen naar waarden die horen bij de zomer.

Ondanks het feit dat je volop kunt genieten, zijn er een aantal zaken waar we, met betrekking tot onze hond, rekening mee moeten houden.

Hyperthermie (Oververhitting)

Helaas komt hyperthermie, beter bekend als oververhitting, bij honden in de zomer vaak voor. Honden kunnen hun overtollige lichaamswarmte namelijk niet goed kwijt. Honden kunnen hun warmte alleen kwijt raken via de zweetklieren in hun voetzolen en ze kunnen hijgen, maar hierdoor koelen ze niet gemakkelijk af. Met warm weer heeft onze hond het dan ook gauw warm.

De normale lichaamstemperatuur bij honden ligt tussen de 37,5 en 39 °C. Wanneer de lichaamstemperatuur oploopt tot boven de 42 °C veranderen de eiwitten en de celstructuren in het bloed zodanig dat het bloed dik en stroperig wordt, waardoor het niet goed meer kan worden rondgepompt door het hart. Honden met een dusdanige oververhitting zullen in coma raken en onherroepelijk sterven.

Deze oververhitting nemen we o.a. vaak waar bij honden die bij temperaturen boven de 20 °C achter gelaten worden in een afgesloten auto, ook al staan er raampjes open. De temperatuur kan binnen in de auto binnen 10 minuten oplopen tot 50 á 60 °C. De hond kan geen kant op in de afgesloten auto en raakt oververhit! Laat je hond bij warm weer dus niet achter in de auto, zelfs niet heel even!

Oververhitting is een spoedgeval dus het is zaak om zo snel mogelijk met de hond naar de dichtstbijzijnde dierenarts te gaan. Voordat je daar aankomt, kun je de hond alvast kletsnat maken waardoor de lichaamstemperatuur van de hond alvast iets omlaag gaat.

Fietsen met de hond bij een temperatuur boven de 18 °C vormt ook een risico! Draven naast de fiets kan leiden tot een onverantwoorde stijging van de lichaamstemperatuur bij de hond. Daarnaast zijn de voetzolen van de hond in de zomer, door het afvoeren van de warmte via de zweetkliertjes die daar zitten, altijd een beetje vochtig. Asfalt, beton, zand worden in de zomer snel warm. Bij een buiten temperatuur van 25 °C is de temperatuur van het asfalt 51,6 °C* waardoor er bij de hond, wanneer hij hier met zijn vochtige voetzooltjes over heen loopt  snel blaarvorming kan ontstaan. De voetzolen van de hond kunnen zelfs verbranden. Deze verwondingen zijn zeer pijnlijk en houden dagenlang aan. Ook het strand is daarom op het heetst van de dag geen goede plek voor uw hond omdat heet zand hetzelfde effect heeft.

Vooral oudere honden en pups hebben net als oudere mensen en kinderen meer zorg nodig tijdens warme dagen. Daarnaast lopen honden met een korte neus, zoals Boxers en Bulldogs meer risico op oververhitting.

Het is verstandig om te zorgen voor een  schaduwrijke plek en voldoende vers drinkwater voor uw hond.

Tegenwoordig zijn er een aantal handige cool producten in de handel om u te helpen het uw hond zo aangenaam mogelijk te maken tijdens warme zomerdagen. Vooral oudere honden, pups en de honden met een korte neus kunnen hier veel baat bij hebben.

Maar ook honden die tijdens warm weer vervoert moeten worden in een auto, worden tijdens de autorit op deze manier geholpen hun temperatuur acceptabel te houden! Ondanks een cool product mag u uw hond niet achter laten in een afgesloten auto! Het kan iets langer duren, maar uiteindelijk raakt uw hond ondanks het cool product toch oververhit!

Honden die tijdens warme zomerdagen een (sport)prestatie moeten leveren hebben ook veel baat bij deze cool producten. Het helpt hen na de geleverde prestatie het bloed in hun lichaam weer tot een normale temperatuur terug te brengen. U moet zich wel af vragen of u uw hond op een warme zomerdag mee moet laten doen aan een wedstrijd en niet gewoon rust moet gunnen.

Een paar voorbeelden van cool producten vindt u hier: Ruffwear Swap CoolerQuick Cooler

(Bron: Berens J. - Thermal contact burns from streets and highways. Journal of American Medical Association)

Waterpret (Blauwalg)

Voor veel honden betekenen de warmere temperaturen waterpret. Maar niet iedere hond kan even goed zwemmen, iets om je terdege bewust van te zijn! Daarnaast zijn er rassen waarbij zwemmen sowieso wat minder makkelijk gaat, bijvoorbeeld door hun korte snuit. Maar voor iedere hond is pootje baden aan de waterkant heerlijk. Toch kan er gevaar loeren.

Ieder jaar weer overlijden er enkele honden na het spelen of zwemmen in water waar blauwalg in voorkomt. Blauwalg (ook wel cyanobacteriën genoemd) gedijt het beste in stilstaand water met een temperatuur tussen de 20 en 30 °C. Niet alle blauwalgsoorten zijn giftig, maar sommige produceren wel stoffen die schadelijk kunnen zijn voor mens en dier. Blauwalg geeft vaak een olieachtig blauwgroen laagje op de waterspiegel. Omdat honden tijdens het spelen in het water nog al eens van dit water drinken lopen zij een groot risico de blauwalg binnen te krijgen. Daarnaast likken veel honden na het zwemmen of spelen in het water hun vacht schoon, waardoor ze de blauwalg binnen kunnen krijgen.  Symptomen van een  blauwalg vergiftiging kunnen zijn: huiduitslag, misselijkheid, braken, diarree en algehele zwakte. In ernstige gevallen kan hevig trillen, stuiptrekkingen, ademhalingsproblemen en verlamming optreden. Soms dus met de dood tot gevolg!

Probeer stilstaand water in de zomer te vermijden als favoriete zwemplek. Zeer licht stromend water is meestal veiliger. Toch is dit nog geen garantie voor een blauwalg- vrije omgeving. Houd de waterspiegel in de gaten en let op waarschuwingsbordjes langs de waterkant die de waterkwaliteit vermelden. De kwaliteit van veel grote zwemwaterplekken staat vermeld op www.zwemwater.nl.

Mocht je het niet vertrouwen nadat je hond gezwommen heeft, raadpleeg dan je dierenarts.

Ziekte van Weil

Ziekte van Weil is een infectieziekte die veroorzaakt wordt door leptospiren: leptospira interrogans. Er zijn veel verschillende typen (serovars) van Leptospira interrogans en alle zoogdieren (ook de mens) kunnen deze ziekte oplopen. De belangrijkste verspreiding van deze ziekte is besmette urine van de bruine rat en van andere honden.

Honden worden via de huid en slijmvliezen besmet met de ziekte van Weil. Dit kan via stilstaand (zwem)water, maar bv. ook door contact te hebben met knaagdieren of een besmette hond (of verse urine van een besmette hond). Via de bloedbaan verspreiden de leptospiren zich snel. Er kan orgaan falen optreden, zoals nierfalen of leverproblemen. Niet iedere hond die besmet is wordt er ziek van. Dieren kunnen echter wel maandenlang drager blijven van de leptospiren en deze uitscheiden via de urine.

De symptomen van de ziekte van Weil zijn: Hoge koorts, apathie, gewrichtspijnen, niet willen eten, braken, misselijkheid, veel drinken en plassen en eventueel bloedingen.

Bovenstaand ziektebeeld kan een verdenking geven op ziekte van Weil, samen met het verhaal van de eigenaar (zwemmen in stilstaand water en/of contact met knaagdieren). Bij een bloedonderzoek kunnen de nier- en leverwaarden gestegen zijn.

De prognose bij een met ziekte van Weil besmette hond is erg afhankelijk van de snelheid waarmee de behandeling plaats vindt en de mate waarop de organen zijn aangetast. Niet zelden zal een dier komen te overlijden na besmetting.

Tot voor kort werd de hond tijdens de jaarlijkse vaccinatie beschermd tegen 2 serovars die de ziekte van Weil veroorzaken. Sinds 2014 is er een verbeterd vaccin beschikbaar wat de hond beschermd tegen 4 serovars die de ziekte van Weil kunnen veroorzaken. Bij dit nieuwe vaccin moet uw hond, om optimaal beschermd te zijn, geboosterd worden. D.w.z. dat het noodzakelijk is om 4 weken na inenting met het vernieuwde vaccin uw hond nogmaals in te laten enten.